verlatenheid

All Adjective Noun
7 examples (0.01 sec)
  • Maar onbewust vulde hem het voorgevoel van de verlatenheid, die hemzelf te wachten stond. Cited from Een liefde, by Lodewijk van Deyssel
  • En in eens voelde hij geheel de verlatenheid, waarin hij in 't vervolg zou zijn. Cited from Een liefde, by Lodewijk van Deyssel
  • En de omstandigheid dat dit isolement niet vrijwillig maar gedwongen was, moest hem een gevoel geven van groote verlatenheid. Cited from Jean Jacques Rousseau, by Henriette Roland Holst
  • Een gevoel van verlatenheid, bevreemding, van afwijking van gewoonte, loste zich over zijn schouders op in een blijde te-rugkeerende vrijheid. Cited from Een liefde, by Lodewijk van Deyssel
  • In de hoofdstraat was niemand te zien en de verlatenheid kwam nog sterker uit doordat de straat, evenals alle finsche en russische straten, buitengewoon breed is. Cited from Indrukken van Finland, by Clara Engelen
  • De verbazing van den kastelein, toen hij eensklaps een ontbijt voor twee vreemdelingen moest opdisschen, was wel het beste bewijs van de verlatenheid en vergetelheid, waarin het antieke Emporium thans verzonken is. Cited from De Aarde en Haar Volken, Jaargang 1877, by Various
  • Verbitterd over de verlatenheid, waarin hem zijne zuster liet, had hij eens in eenen aanval van misnoegde droefheid op bitsigen toon zijne spijt en ontevredenheid aan Tante uitgedrukt, in tegenwoordigheid van Laurence. Cited from Broeder en Zuster, by Cyriel Buysse